De halve Hannah

 Het is winter. We zijn aan de Belgische kust in een van de rijen flats. Wat haar man misdaan heeft weten we niet precies, het moet wel een pedofiel vergrijp zijn waarvoor hij in de gevangenis zit.

 Als zijn echtgenote Hannah hem niet laat vallen, zoals iedereen, maar in het gevang blijft bezoeken is dat genoeg voor haar familie en kennissen om zich ook van haar af te keren. Haar zoon wil haar niet meer zien, haar kleinzoontje mag ze niet meer zien, al komt ze met diens lievelingstaart aangezet.

 Er blijft van Hannah's leven steeds minder over. Als zelfs haar zwemabonnement verlopen is wordt dat een teken. Net als de dode walvis op het strand. Maar wat had ze dan moeten doen? Het wordt krachtig aangeduid in de trein­scene waar een zwart meisje haar overspelige vriendje uitscheldt door haar telefoon. Net wat Hannah zou willen doen. Of?

 Het is Charlotte Rampling die de film maakt. Hoe? Haar blik, haar oogopslag is die van iemand die half in de wereld leeft en steeds meer in een eigen niemandsland, haar ver­lopen flatje aan de desolate kust.

 Toch heeft ze niets misdaan, ze blijft alleen maar menselijk in de omgang met haar echtgenoot.