Elektriciteit

 Is onzichtbaar, behalve soms. Als Zeus zijn bliksems slingert of God op de eerste scheppingsdag zegt 'Er zij licht' is daar het wonder.

 Ik zag vanmiddag in Teylers de tentoonstelling 'Alles elektrisch'. En ja, zonder de neuro‑elektrische verbindingen in ons lichaam kunnen wij niet denken of bewegen, en zonder elektriciteit uit stop­contact of batterij staat het leven stil.

 Maar het blijft toverij. Toen August Strindberg in Parijs ten prooi raakte aan wanen verbeeldde hij zich dat zijn ijzeren en koperen bedspiraal kwaadaardige elektriciteit genereerde.

 Ik kreeg pas nog medische schokjes om de werking van mijn zenuwgestel te testen. Waar is het eind? De elektrische stoel blijft een oncomfortabel meubels­tuk. Maar ik heb wel een elektrisch dekentje.

 De bliksem en het noorder­licht bleven goddelijke natuurkrachten, tot ze in de loop van de achttiende eeuw beheersbaar werden gemaakt in institu­ten als Teylers. De wereld werd elektrisch. Toen Philips zijn gloeilampen vorig jaar afstootte verloor het contact met zijn goddelijke oorsprong.

 In Teylers zie je de kabels leggen. Ik maakte zelf nog mee hoe in de straat door een rij mannen op het 'hoei' van de voorman een kabel stukje bij beetje van de houten haspel afroldedoor de gegraven geul. Het eind is niet in zicht. Schepen lieten kabels zakken naar de zeebodem. Het wonder blijft onzichtbaar. Het wachten is op de grote blackout, de wereldkortsluiting.