Jesper Just

 Van de zomer maakte ik met zijn werk kennis bij West aan het Haagse Lange Voorhout. Een schepper van andere werelden. Wanneer de Deen Jesper Just de vertrouwde formaten van het beeldscherm - drie bij vier, desnoods breedbeeld – en verhaalvormen loslaat heeft dat veel gevolgen.

 Vanmiddag in Eye zag ik meer. Allereerst schoot mijn blik heen en weer, werd zoeken­d, dwalend. Verder werden de filmbeelden deel van de entourage. Ik zag door rookglas de ruggen van bezoekers in het restaurant beneden, ronddrentelende kijkers om me heen werden onmiddellijk deel van de voorstellingen. Een projector is dan ook een schijnwerper - mooi woord om letterlijk te nemen.

 Wat laat Just nog meer los? Verhalen zijn het nog steeds. Korte, je komt terug bij het begin. Maar waarvan? Ze zijn fragmentarisch, maar de fragmenten vormen composities, die schijnbaar toevallig tot stand kwamen. Dat werkt bevrijdend, net als het drentelen in ruimten waar je elk moment in een andere samenhang terecht komt.

 'Intercourses' is opgenomen in het in China levensecht nagebouwde stuk Parijs.

 Complete personages zijn er in de films niet, het erg mooie meisje dat in 'Servitudes' (2015) met twee prothese-handen een maiskolf eet en je daarbij steeds blijft aanstaren leer je niet kennen. Het meisje in de rolstoel dat rondkijkt in het park op de Buttes Chaumont en achtervolgd wordt blijft een hersenschimmen.

 Attributen in de zaal als bouwblokken en plantenbakken helpen de suggestie van tastbaarheid, net als de aanwezigheid van verbaasde toekijkers.

 Een tentoonstelling waar je kunt blijven ronddwalen, omdat ie steeds verandert.