Maria

 De weg van moeders schoot naar moeders schoot. Dacht ik langs de Utrechtse Nieuwegracht lopend, na de Maria-tentoonstelling in het Catharijneconvent. Van de baby of kleuter tot de 33-jarige dode jongeman die wat ongelukkig over z'n moeders bovenbenen ligt. Welke vrouw van rond de vijftig houdt dat vol? Maar de bisschoppen bestelden het en de schilders en beeldhouwers maakten het en dus kon het.

 Michelangelo's versie in de Sint Pieter speelt het klaar.

 De verloren zoon kwam thuis. Ik dacht aan de jongen achter de bar in het Italiaanse café waar ik met m'n vriendin wachtte tot we wat konden bestellen, maar die jongen telefoneerde maar. Er kwam geen eind aan. Mijn vriendin zei hij heeft heel wat te stellen met z'n meisje.

 Nee, zei ik, dat is z'n moeder. En ja, tenslotte klonk het 'Ciao mama'.

 De Utrechtse tentoonstelling begint veelbelovend, met oeroude beeldjes van moedergodinnen, vaak met kind, zoals Isis met de kleine Horus. De Cybille is er. In vele culturen had god een moeder, soms een vruchtbaarheidsgodin. Moeder, geliefde, hoer, madonna, de vele gedaanten van de vrouw. En dan hoop je op meer. Maar dat komt hier niet.

 Onze Christelijke Maria, die maar een paar keer in de bijbel voorkomt, is in wat volgt hier in Utrecht nooit meer dan het devote meisje dat zwanger raakt van ze weet niet wie. 

 Wie haar redden zijn de schilders en beeldhouwers. En hun opdrachtgevers, die weten dat een mooi meisje in hun kerk bekijks van kerkvolk zal trekken. OPp z'n moois met een naar binnen gekeerde blik die niet veel goeds voorspelt..

 De Maria devotie groeit als ze op het concilie van Efese (431), wordt erkend als moeder Gods en dus zelf ook goddelijk.

 Maar een volbloed vrouw zal ze nooit worden, die rol is weggelegd voor Maria Magdalena, de voormalige hoer die de geliefde van Christus werd en naast Maria onder het kruis knielt, waarbij zij de houten paal en zijn voeten omhelst.

 Maria werd ontvrouwd, een heilige boon. Het bederf treedt in als het gebruikelijk wordt de totaal verzonnen moeder van Maria te introduceren in de al te huiselijke Anna-te-drieën groepjes van oma, moeder en kleinzoon. Er komen ook nog halfzusters bij!

 Tja, in kerken zitten vrouwen, de mannen vind je in het café aan de overkant, tot ze even binnenwippen om het opdragen van de mis mee te pikken.