Arnon leest Heine

 Toen ik vrijdag Studio Desmet binnenkwam zat daar Arnon Grunberg met veel plezier een vertaalde tekst van Heinrich Heine voor te lezen, geregisseerd door Annette den Heijer. Ze bleken bezig met hoofdstuk 9 uit de Memoiren (1854). Het wordt een luisterboek. Dit is wat ik hoorde: 

 'Ook in de liefde is er, net zoals in de rooms‑katholieke religie, een voorlopig vagevuur, waarin je eerst moet wennen aan het gebraden worden voordat je in de echte eeuwige hel terechtkomt. Hel? Mag je de liefde zo'n lelijke naam geven? Nou, als u wilt, wil ik haar ook wel met de hemel vergelijken. Helaas kun je bij de liefde nooit precies uitmaken waar ze het meest op de hel of op de hemel begint te lijken, zoals je ook niet weet of de engelen die we daar tegenkomen misschien geen verkapte duivels zijn, en de duivels daar verkapte engelen. Oprecht gezegd: wat een verschrikkelijke ziekte is de liefde voor vrouwen! Daartegen helpt geen inenting, zoals we helaas hebben gezien. Zeer verstandige en ervaren artsen adviseren een verandering van plaats en zeggen dat de afstand tot de tovenares ook de betovering verbreekt. Het principe van de homeopathie, waarbij de vrouw ons geneest van de vrouw, is misschien wel het meest probate middel.

(...)

Want het effectiefste tegengif tegen vrouwen zijn vrouwen; al betekent dat dat je de duivel met Beëlzebub uitbant, en in dat geval is het middel vaak nog erger dan de kwaal. Maar het is altijd een kans, en in troosteloze liefdestoestanden is een wisseling van inamorata beslist het raadzaamste, en ook hier zou mijn vader terecht kunnen zeggen: `Nu moet er een nieuw vaatje worden aangestoken.'

(...)

 Vandaag schrijft Arnon op zijn weblog over wat dan volgt. Zie de link. de titel luidt Harry, zoals Heine thuis genoemd werd. Er komt een cd bij met liederen van Nederlandse componisten op teksten van Heine:Heine in Holland , het luisterboek heeft als ondertitel De autobiografie van Heinrich Heine voorgelezen door Arnon Grunberg.

Tags: 

Halfvol

 Heet het personage dat de Tsjechische dichter Michael March in het leven riep om zijn halfvolle - of halflege - gedachten een stem te geven.

 In januari presenteerde Arnon Grunberg - die de introductie schreef - samen met March in Utrecht de bundel die De Contrabas ervan uitbracht. Arnon had hem leren kennen als organisator van het Praagse literatuurfestival. Sindsdien stuurde March hem stukjes Half Vol. Zoals:

 'Half Vol betrad het rijk van de tragedie - 

een oud, gemankeerd universum wreder dan de oorspronkelijke zonde.

''Verschrompeld in extase'' - aan de kant van een wijngaard -

vocht hij als een jonge plant.

 Half Vol, Half Leeg? Arnon, die de dichter in Utrecht ondervroeg legt op de link uit dat de interviewer - wanneer hij iets niet begrijpt - altijd voor het zelfde dilemma staat: moet je de dichter laten gaan of hem onderbreken om te vragen 'wat bedoel je?' Waar ik aan toevoeg 'met de kans dat het antwoord niet zozeer verheldert maar zijn uiteenzetting integendeel nog gecompliceerder maakt'.

Tags: 

Juffrouw (3)

 Vanmorgen kwam D'Openhertige Juffrouw via Antiqbooks in de brievenbus. Ze valt niet tegen.

 Al zijn haar bekentenissen waarschijnlijk toch door een man geschreven, ze zijn meer dan een vrouwelijke schelmen­roman. De juffrouw ziet seks - ook in het huwelijk, een hoer met één klant - als handel. Goed geld en goede seks moeten hand in hand gaan. Maar geil­heid mag geen zwakte worden. Als ze soms bezwijkt voor haar eigen ver­liefdheid of begeerte komt dat haar steev­ast duur te staan. De man in kwestie kan rekenen op - vaak komis­che - wraak.

 Het boek is net als de Ragionamenti van Aretino een grote aanval op de hypocrisie. Daarbij is zij echter niet alleen de hoofdfiguur maar ook de 'schrijfster'. En zo kan ze haar collega-schrij­vers - die 'Sotte Poëten' met hun 'voddige en lamme rymen' voorhouden dat ze geen versc­hil ziet tussen haar werk als hoer en schrijven om de lezer te vermaken. Verleiden is haar werk. En daar goed mee verdienen.

 Het is soms of ik Arnon Grunberg hoor. We praatten hier eens op deze manier over

Individu

 'Wie denkt dat het individu met huid en haar geliquideerd wordt, denkt nog te optimistisch.' Schrijft 'Teddie' Adorno in 1945 in Los Angeles. In stukje 88 van zijn opnieuw vertaalde Minima Moralia.  

 Wat is er nu, 68 jaar later van zijn voorspelling uitgekomen? Voor 'het individu' mag je in zo'n geval lezen 'ik', lijkt me. Daar komt wat Arnon Grunberg giste­ren zei op neer toen we het hadden over het hardnekkige cultuurpessimisme.

 Adorno kan zo mooi chargeren. Hij beschrijft de doodsstrijd van het individu, dat zich redt - het krijgt zelfs bescher­ming, als een soort museumstuk en wordt in natuurreservaten gekoe­sterd. Het is 1945 en er zijn heel wat gevluchte - vaak Joodse - intellectuelen in de Verenigde staten die gezien worden als 'colourful personalities' en zich volgens Adorno verkopen 'als hartver­warmers in de commerciële kilte'. Je ziet komisch Hollywood oprijzen. Van de Marx Brothers tot Woody Allen. Hofnarren van het kapitalisme in zijn ogen. Vergeet immigrantenzoon Andy Warhol niet.

 'Hun bedrijvige, ongeremde temperament, hun plotselinge inval­len, hun originaliteit, ook al zou die bestaan in hun bij­zondere lelijkheid, en zelfs hun koeterwaals maken van hun menselijkheid een verkoopbaar clownspak.' Zou het waar zijn? Wat Adorno vergeet is dat ook veel van het management van het Amerikaanse enter­tain­ment werd overgenomen door immigran­ten, en dat ze hun weg vonden in de beste u­niversiteiten, al loopt er soms een professor Pnin tussen.

 Intel­ligen­tie is onuitroe­iba­ar. En zie, Teddie, daar steekt het in­dividu weer de kop op.

Ondergang

 Vanavond vroeg ik Arnon Grunberg in de Avonden naar z'n idee over cultuur­pessimisme, waarover ie donderdag jl. in de Volkskrant had gezegd: 'Alles verandert behalve cultuurpessimisme'.

 We verbaasden ons erover dat vooral intellectuelen er steeds weer aan ten prooi vallen. Sinds Oswald Spengler - overtuigd tegenstander van de parlementaire democratie van Weimar - in 1922 succes had met z'n Ondergang van het Avondland is het niet meer opgehouden, tot Adorno en de Dalrymples van nu. Arnon bracht het terug tot een leeftijdskwaal. De tijd niet meer kunnen bijbenen in het zicht van hun eigen ondergang, de dood. En dan klagen over de jeugd van tegenwoordig. Willem Brakman, zei ik, zou de bron zoeken bij 'slachtoffers van een gelukkige jeugd'.

 'Früher war alles besser.' De teloorgang van het individu in het technologisch tijdperk. De massamedia en het verlies aan diepgang. Hoe is het mogelijk dat telkens weer verstandige mensen als bijvoorbeeld Rudy Kousbroek in deze val trappen? Kennelijk is niets menselijks ze vreemd.

 Komende vrijdag houdt Tijs Goldschmidt de derde Rudy Kousbr­oek-lezing. En wat je ook van een bioloog mag verwachten, toch geen cultuurpessimisme. Misschien tegenspraak.

Radio

 Meer dan televisie is radio een bron van heimwee. Ik heb een voorkeur voor radio die van ver weg - en lang geleden - komt, maar sinds de FM komt alle radio van dichtbij. Toch, de oude middengolf heeft Europa veel goed gedaan.

 Voor oudjaar schetste Arnon Grunberg in enkele krantenregels een portret van zijn vader - die op 16 december 2012 100 ge­worden zou zijn, als radioluisteraar. Hermann Grünberg zat tijdens WOII onder­gedoken in Nederland. Niet als Jood maar als gedeser­teerde Wehrmach­tssoldaat: 'Daarna werd radio zijn grootste passie. Vrijwel de hele dag, ook als we aan het eten waren luisterde hij naar Duitse radio­zenders, Deutsche Welle, Deutschlandfunk.'

 Als ik raden mag zat bij hem als geboren Berlijner ook de RIAS-midden­golfzender, de Duitstalige Run­dfu­nk im Amerikanischen Sektor in het pak­ket. Luistergedrag waaruit een reusachtig heimwee spreekt. Morgen zal ik Arnon vragen wat z'n vader opzocht, muziek? En zo ja wat voor muziek - Arnon noemde eens het lied van de Moor-soldaten. Nieuws? En hoe zijn reacties waren op wat hij hoorde. En dan de heimweevraag: heeft Hermann ooit in ernst overwogen terug te gaan naar Berlijn?

 Toen ik eens bij moeder Hannelore thee dronk en een Bossche bol at stond de Duitse televisie, ARD, ZDF onophoudelijk aan

Tags: 

Ondergronds

 Morgen is Arnon Grunberg terug in de Avonden, bij uitzondering op dinsdag. Wat me herinnert aan ons filmplan.

 We bedachten een film die geheel zou moeten bestaan uit beelden van bewakingscamera's. Omdat je op zo'n centraal paneel altijd minder ziet binnenkomen dan je zou willen. Steeds weer ontsnappende gestalten, schimmen. Zoekend naar catacombisch proza kwam ik bij 'Een metamorfinist' van Anneke Brassin­ga, in 1997 verschenen in het blad Raster en nu online:

 'Met regelmaat de gipssekssociëteit voor behaarde bejaarden bezoeken, in een ondergrondse parkeergarage. Uit de catacomben dag en nacht het vrolijk galmen van brekend gips en het orgiastisch gebrul van de aldus onthaarde bejaarden. Zelf een gipsontheffing hebben vanwege welig krullende schaam en baard. Die laten bij schroeien door een hoogpotig sletje met opgevoerde krultang onder haar leren opklaprokje. Goedkoper dan de kapper, en elke ervaring is een belevenis. Niet altijd de Himalaya hoeven beklimmen of huis opknappen. Op konen rozebot­telblosjes voelen gloeien, weer buiten staand, verkwikkende brandlucht snuiven. Nu eerst een uurtje Bloem lezen en dan naar Moeder, met haar in de rolstoel naar de pedicure. De uitgestoken eksterogen mee naar huis mogen nemen. Krenten in de pap. 'De trots om het vergeefse.'

Waar ook ter wereld (2)

 Op zaterdag 2 juni, bij het VPRO-festival in de Amster­damse Nes, verschijnt het boekje met Cd van de radio­gesprekken van Arnon Grunberg en mij. Op 11 februari 2008 belde Arnon met zijn moeder, oa. over 'Super Tuesday'. Een fragment:

 ''Ze was echt helemaal op de hand van Obama. Die had iets in haar losgemaakt. Als grapje vroeg ik haar toen: 'Mama zou jij president van Amerika willen worden?''

Hoe kwam je er bij om dat te vragen?

''Ik probeer soms lichtheid in de gesprekken met mijn moeder te brengen. En ik vond dit eigenlijk wel een leuke vraag. Het was dus meer bedoeld als een grapje. Ik dacht, misschien maak ik haar aan het lachen of iets dergelijks. Maar ik maakte haar helemaal niet aan het lachen, want ze ging er heel serieus op in. Ze zei 'nou, dat is me te veel verantwoordelijkheid. Ik heb soms al moeite genoeg om de verantwoordelijkheid te accepteren van mijn eigen huis en mijn eigen tuin.'. En daar­mee was het gesprek afgelopen.''

Tags: 

BEZET

 Maandag is het Koninginnedag, ik mailde Arnon Grunberg om onze wekelijkse opname af te spreken. Als volgt: 'Komende maandag is weer een 'dag' tw. de koninginne‑  Aan ons dus het verzoek van studio Desmet of we om 18.00 NL‑tijd kunnen opnemen.'

 Arnon mailde: '18:00 a.s. maandag moet kunnen. Koninginnedag. Dat is waar. Helemaal over het hoofd gezien.' Ik rapporteerde: 'Het Amsterdams plaveisel vult zich al met tapeletters BEZ­ET.. Tot dan.' Arnon antwoordde: 'Bezet kwam ik al een paar dagen geleden tegen toen ik nog in Amsterdam was. Bezet. Een krankzinnige gedachte.'

 ps. De hevige regenval van vanmiddag heeft de tapeletters BEZET veranderd in spijkerschrift.  ps2. Ook de viering van 4 en 5 mei nadert. Hierdoor schoten me de Haagse strandkuilenruzies te binnen uit de jaren '50. Duitse badgas­ten groeven de ene dag een kuil en meenden daarop de volgende dag weer recht te hebben. De ongeschreven Haagse strandkuilen­wet luidde echter dat alle kuilrechten bij zonsondergang ver­vielen. Hagenaars betrokken onbezorgd kuilen die de dag tevo­ren door Duitsers gegraven waren. Daar kwamen kuilgevechten van.

Tags: 

Waar ook ter wereld (1)

 Op zaterdag 2 juni belegt de VPRO een dag van letterkunde in de Amsterdamse Nes. Bij die gelegenheid zal Anton de Goede Arnon Grunberg en mij ondervragen over ons wekelijks radioges­prek. Alvast dit:

 'Ik zit in een Amsterdamse studio, hij op een hotelkamer, in een vertrekhal of kleedkamer. Soms in een rijdende trein. Hij blijft maar bewegen, van congres naar festival of voorstel­ling. Toch is zijn beweging een vorm van stilstand. Hij doet me denken aan de marconist die uitlegde dat zeeschepen eigenlijk stilliggen. De wereld trekt aan ze voorbij.

 We zien elkaar hoogst zelden, soms bij een gelegenheid of presentatie. Eigenlijk bestaan we uit stem. Aan een stem is alles af te horen. De Arnon die uit z'n stem oprijst is een ander dan die welke ik soms in levende lijve zie. Zijn stem is zeer nabij en vertrouwd, ik ken elke aarzeling. De levende man is afwachtend, gedis­tantieerd, ook omdat er veel mensen om hem heen zijn.

 Ons praten is een vorm van musiceren. Een geïmproviseerd stuk muziek voor twee stemmen dat we tot een eind moeten brengen, met halverwege een solo voor hem, omdat hij de solist is en ik de begeleider. Vooraf spreken we af wat de opnametijd kan zijn. Ook daarbij nemen we vaste rituelen in acht, zoals de formule dv., als god het wil, of zijnerzijds 'inshal­lah'. We zijn niet gelo­vig, maar we kennen onze plaats.'

Tags: 

Pagina's