De dagelijkse strijd van Willem van Genk

 Naar Willem van Genk keer ik altijd terug. Voor mij geen eind aan Willem van Genk. Wat delen we? Steeds weer probeer ik er mijn vingers op te leggen. Een openbaar geheim, in tekeningen en plattegronden of beter de combinatie van de twee. Het platte vlak waaruit voortdurend de machtige wereld van trams, stations, treinen en pleinen oprijst.

 De wereld zoals een jongetje van zes hem waarneemt. Vraag hem wat hij later wil worden en hij zegt 'trambestuurder'.

 En nog, als ik achter een reusachtige Surinaamse wagenvoerster in smetteloos uniform meerijd in lijn 24 word ik op de Munt bevangen door ontzag voor het gemak waarmee ze deze machtige, tonnen zware metalen wagen met een honderdvijftig passagiers door Amsterdam loodst, en passant buitenlanders kaartjes verkopend.

 Wat er werkelijk toe doet is onzegbaar. En gaat terug naar de vroegste jeugd, waarin het jongetje Wim van Genk de almachtige wereld ademloos gadeslaat. En probeert er greep op te krijgen, zich te wapenen. Met beschermende regen­jassen. Met tekeningen. Met nagebouwde bussen.

 Voor hem als minderwaardige, als officieel geestelijk gestoorde, als gek, was het levenslang er op of er onder. En dit waren zijn mid­delen tegen het bombar­dement van de wereld. Precis­ie, kennis van zaken. If you can't beat them, join 'em. Omdat alles op het spel staat. Redt hij het?

 Dat is wat me steeds naar zijn werk terugbrengt. Eerder dit jaar in Den Haag, nu weer - met ander werk - in het Haarlemse Dolhuys.

 ps. In de Nederlandse musea heerst deze zomer de stilte van het graf. Eindeloze verlengingen. Prachtige nieuwe gebouwen overal, dat wel, luxe eten en drinken maar het budget voor kunst is kennelijk op. 

Tags: 

Willem van Genk en het misverstand

 Eindelijk is werk van Van Genk weer te zien in Nederland. En - de duvel speelt er mee - helaas in een groepsexpositie en erger nog onder de kop 'Outsiderkunst'. Eens gek, altijd gek. Zoals veel kunstenaars was van Genk (1927-2005) niet helemaal goed bij zijn hoofd, wat hem niet belette zeer doordachte, helder gecomponeerde tekeningen, insta­llaties en collages te maken waarin hij zijn leven en obsessies vormgaf. 

 W.F.Hermans, de bewonderaar die in 1964 zijn eerste ten­toonstelling opende zei toen: 'Van Genk is in een web gevan­gen, zoals iedereen, maar hij heeft toch het overzicht over het geheel behouden'.

 Dat Van Genk geplaagd werd door paranoïde angsten en trauma's, dat hij opgenomen is geweest, heeft mede de stof opgeleverd waaruit zijn magistrale werk kon ontstaan. Meer kun je daar niet van zeggen.

 Het Gemeentemuseum moest zich schamen. Van Genk verdient een eigen tentoonstelling en dat woord outsider kan geschrapt.

 Van Genk geeft vorm aan wat ik zelf al levenslang meedraag en deel met schrijvers als Nabokov, het eindeloos naar de trams en treinen staren die de wereld omspannen. Je laten vangen in de wereld van de stations, waar verweg en dichtbij zich betoverend verstrengelen in een soms angstaanjagende zee van reclames en richtingborden. Daarbij geeft hij in treffende citaten vorm aan wat de media alle dagen op hem af stuurden.

 Klassieke muziek was voor hem heel belangrijk, net als Den Haag, waar hij levenslang woonde. Zo associeerde hij de Waldeck Pyrmontkade (tramhalte) met balletmuziek van Tsjaikowski en het Benoordenhout met de Haffner-serenade van Mozart. Leer nu toch eens zien dat dat niet gek is maar geniaal!

 Van Genk heeft Europa rondgereisd, in New York kon hij heel goed de weg vinden. 

Tags: 
Joop Beljon
Schwebebahn (ca. 1960)

Joop Beljon

 De strijd die Willem van Genk voerde met J.H.Plokker - ironisch genoeg zelf een ambitieus amateur-schilder en lid van de Haagse Kunstkring - stond niet op zichzelf.

 Van Genk was geplaatst op een sociale werkplaats. Dat betekende dat hij afhankelijk was van de directeur van de Dienst Geestelijke Volksgezondheid Dr. N. Speijer.
Die op zekere dag werd benaderd door J.J.Beljon, directeur van de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag en schrijver van nog steeds leesbare vormgevingsboeken als Zo doe je dat en Ogen open..
Er ontspon zich het volgende gesprek (1964):

 'Beljon: Bij u op de sociale werkplaats verblijft voor volle weken ene Willem van Genk. Van Genk volgt onze zaterdagmiddagcursus maar wil meer; namelijk één middagje op wat hij de echte Academie noemt..
Ik denk dat wij hem daarmee gelukkig maken. Zoudt u hem een middagje vrij willen geven?
Speijer: Ik wist niet dat gelukkig maken tot de taak van een academiedirecteur behoorde. Begrijpt u niet dat u zich beweegt op een gebied waar u niet competent bent. Eén middagje vrij? Geen sprake van.
Beljon: Maar er mag toch wel aangenomen worden dat wij op de academie enig recht van spreken hebben als het gaat om begaafdheden en talenten?
Speijer: Laat mij niet lachen! Begaafdheden!! Ha! Ha! U bemoeit zich met zaken waar u niets mee te maken heeft. Zal ik u eens zeggen wat de geestelijke inhoud is van die Van Genk? Nul, nul.
Beljon: Als dat waar is dan ware het voor mij te wensen  dat ook de inhoud van mij nul komma nul is.
(Speijer gooit hoorn op haak.)
 
 (Beljon in een brief van 1-7-1998)
 

Tags: 
werk van Kees Peerdeman, nu te zien in het ''Dolhuys' in Haarlem
Willem van Genk
werk van Van Genk

J.H.Plokker

 Toen de als schizofreen en autistisch gediagnosticeerde schilder Willem van Genk in 1958 met een map naar de Haagse academie stapte maakte z'n werk daar grote indruk op directeur Joop Beljon, die hem een plaats gaf op de avondschool met opdracht hem met rust te laten.

 Dit tot ergernis van de psychiater J.H.Plokker, schrijver van het nog steeds invloedrijke boek 'Geschonden Beeld. Beeldende expressie bij schizofrenen' (1962). Het werd alom positief besproken.
 'Kunst en geestesziekte sluiten elkaar uit,' vond Plokker. Terwijl nota bene Klee en Picasso al zeer geïnteresseerd waren in Van Genks Zwitserse voorganger Adolf Wölfli. En W.F.Hermans ook in 1962 schreef Van Genks werk 'huiveringwekkend mooi te vinden.
Van Genk las het boek en werd diep geraakt. In de nieuwe biografie 'Willem van Genk bouwt zijn universum' van Ans van Berkum zie je hoe Plokker in verschillende schilderijen voorkomt. En ja, dat 'wereldbeeld' van Van Genk was ook een antwoord op Plokker.

 Maar nu. In de Volkskrant van 16 maart lees ik over 'angstkunstenaar' Kees Peerdeman. En waarachtig, daar wordt Plokker (1906-1976) weer uit de doos gehaald, door kunsthistoricus Jos ten Berge. Plokker, die meende dat er 'aan het werk van geesteszieken geen rationele overwegingen ten grondslag liggen, en dat het resultaat dus puur toevallig was'.
Ten Berge zegt hem na: 'Het is mogelijk dat psychiatrische patiënten inspiratie ontlenen aan hun toestand, maar kunst moet naar mijn idee tot stand komen door rationele stappen.'

 Hoe is het in Godsnaam mogelijk dat de Volkskrant zulke kletspraat afdrukt. 't Is toch duidelijk dat bij het maken van een gedicht of een schilderij het rationele en irrationele - goddank! - voortdurend dwars door elkaar lopen. 
 

Tags: 
het Berlijnse Oststation in de DDR-tijd.. Van Genk was daar.
Ans van Berkum, vanmidag in Almere

Willem van Genk (3)

 Vanmiddag in het Almeerse Casla langdurig gebogen gezeten over Willem van Genk, met Ans van Berkum, kenster bij uitstek.En schrijfster van de monografie met de treffende titel 'Willem van Genk, bouwt zijn universum.'

 Als je t leest denk je 'hij moest wel, om zijn eigen leven te redden.' Zijn werk was een bastion, een verschansing waarmee hij zich de wereld van het lijf poogde te houden.
En wie weet hoe almachtig psychiaters in zijn jaren waren begrijpt z'n obsessie met macht, en al wat macht lijkt te herbergen. Van stationsoverkappingen tot hoogspanningsdraden of letters die op je in schreeuwen.
Wat kon hij terugdoen?
Tekenen!

 Opperconducteur van alle trolleybussen worden, Koning der stations, plaatsnemen achter getekende controlepanelen. 
Neem zijn beeld van het Berlin-OstBahnhof in 1972.
Voorin zie je de lampjes van een controlepaneel. En je weet, zegt Ans van Berkum 'hier zetelt de opperinstantie, het wezen. Het is Van Genk die aan de knoppen zit.'
Zolang het duurt.

 'Die schilderijen zijn symfonieën die uit je hersens komen,’ in de woorden van Van Genk.
Alleen bedoeld voor hem zelf, voor zijn eigen bescherming.
Hij exposeerde voor het eerst in 1964.
W.F.Hermans schreef: 'huiveringwekkend mooi'.

vrijdag 25 februari is Ans van Berkum te horen in de Avonden.
 

Tags: 
Ans van Berkum
Beluister fragment
de trolleys op het Stationsplein in Arnhem..
de lijndienst vloog juist over Den Haag..

Willem van Genk (2)

 Architectuurschilders en -tekenaars met een geheel eigen bezetenheid blijven schaars. Dat is de reden dat biografe Ans van Berkum de expositie bij haar nieuwe boek in het Casa CASla in Almere kon organiseren.

 Maar Willem van Genks uitzonderlijkheid zit hem niet alleen in de gebouwen, het elektra, de bovenleidingen die ons omgeven hij werd ook overdonderd door de letters en woorden, vooral op reclame. Sterker, in sommige schilderingen met eindeloze kolommen tekst heb ik regels teruggevonden uit een radioprogramma uit begin jaren '70 waar ik zelf aan heb meegewerkt: vpro-vrijdag.
 Van Genk luisterde naar de radio en schilderde wat hij hoorde.  Toch werd en wordt hij vaak voor een fantast aangezien.

 Neem nu al die zeppelins!
Ans van Berkum ontdekte dat in de jaren '30 een lijndienst van zeppelins vloog tussen Lakehurst in de VS en Berlijn die lijnrecht over Den Haag kwam.
Van Genk verzint niks. Uitzonderlijk is wel dat bij elk schilderij een stuk klassieke muziek hoort, waarop het als het ware wordt uitgevoerd.
Morgen praat ik met Ans van Berkum.

Tags: 
Van Genk (1927-2005)
modellen van Arnhemse trolleys

Willem van Genk (1)

 Wie het werk van Willem van Genk (1927-2005) wil zien moet gewoonlijk naar het Dr. Guislain-museum in Gent. Daar staat bijvoorbeeld de maquette met de vele trolleybussen op het Arnhemse stationsplein. Een maquette die rechtstreeks stamt uit het volgebouwde Haagse flatje van Van Genk.

 Als kind kwam ik in Arnhem en heb dat plein gezien.
Onvergetelijk, de dansen die de trolleybussen bij het nemen van hun lussen uitvoerden! Hoe zwierig die stroomafnemers! En dan, zo vast verankerd als een tram in z’n baan zit, zo losjes manoeuvreert de trolley door het verkeer. Bergop, want daar zijn ze voor, sterk!
Ik keek met open mond. 

 In het Dr. Guislain - ook nog een psychiatrische inrichting - hangt 'outsiderkunst'. Maar hoe gek was Van Genk? Er is geschreven over zijn autisme, maar wat is er zo vreemd aan zijn werk? Bezetenheid komt in de kunst vaker voor, net als het bouwen van systemen. Bij Van Genk zijn dat vooral de knooppunten waar rails en bovenleidingen van trams, treinen en trolleybussen samenkomen, met een vloedgolf aan letters: reclame, wegwijzers en krantenkoppen.
Van Genk, de Koning der stations, zoals zijn eerste biograaf Dick Walda hem noemde.
 En nu is er een nieuwe biografie: 'Willem van Genk bouwt zijn universum' van Ans van Berkum. En een tentoonsteling in Almere (in Casla aan het Weerwaterplein) met ook wat nog onbekend werk.

 Willem van Genk keert altijd terug.
Ik ga naar Almere.
 

Tags: 

Willem van Genk

 De 'outsiderkunstenaar' Willem van Genk (1927-2005) verzamelde lange plastic regenjassen. Hij voorzag ze ook van rijen extra knopen. Hoe dat precies ging moet ik nog achterhalen. Bij zijn biografen Dick Walda (Koning der stations, 1997, nergens meer te krijgen) of Ans van Berkum (de catalogus bij de Zwolse tentoonstelling van '98-'99, wél herdrukt).Het zijn metalen drukknopen. Had hij een apparaatje waarmee je die in plastic kunt ponsen? Van Genk: 'Want dat is iets specifieks van mijn, al die drukkers van onderen naar boven, dat heb ik zelf uitgevonden.'

 Alsof hij niet zijn hele oeuvre zelf had uitgevonden. Maar zo zag hij dat denk ik niet. De jassen deden me gek genoeg denken aan de mannen die je kunt treffen op de speciale treinboekenafdeling achterin de winkel van Van Stockum op de Herengracht hoek Prinsessegracht in Den Haag. De Hagenaar van Genk moet daar ook geweest zijn. 

 De mannen bouwen modelbanen en zijn vaak lid van de Nederlandse Vereniging van Belangstellenden in het Spoor- en Tramwegwezen. Treintjesmannen. Ze weten alles. Mijn Oom Bob was er zoéén. Altijd blij met een gesloten overweg. En als de goederentrein dan kwam keek hij op z'n horloge en zei 'dat is 627, hij is laat'. Treinen, trams. Altijd weer. Waarom? Niemand die het weet.

 Willem van Genk wist vast ook wat ik van mijn Oom Bob leerde. Nog tot rond 1960 zakte de spanning in het Haagse lichtnet een fractie als er op het station een elektrische locomotief optrok. Dipje in het licht van de schemerlamp. En raad eens wat Oom Bob zei. PS. De Van Genk-maquette en drie van zijn schilderijen zijn te zien op de tentoonstelling ''Schets en schim'' in Gent. Zie eerder..

Tags: