Afgelopen winter schreef Wiel Kusters in Maastricht achtenveertig kwatrijnen. Naar zijn gevoel 'In opdracht'. Maar van wie? Ze gaan over verlies, over gemis 'dat bij vlagen misschien een beetje gecompenseerd kan worden door de "ander" in je zelf en in je taal te herkennen.' Je draagt de doden - want over hen gaat het - met je mee, praat met ze over wat onopgelost bleef. Korte ontmoetingen, genummerd in romeinse cijfers. Zoals deze:
XLII
Zo'n dag dat alles ouder wordt maar deze
zin nog niet, hij is zo ongeschreven
dat je hem pas kunt lezen als ik hem
niet voltooi. Je moet wel blijven leven.
XLIII
De wind heeft met die bladeren niets van doen,
ze vallen ook wel zonder hem naar toen,
gehoorzaam aan hun boom. Want kijk ze zijn
in hun afvalligheid nog dodelijk groen.
uitgave Leon van Dorp info leon@leonvandorp.nl