Vandaag is het in Italie Pasquetta, verkleinwoord van Pasen. Ik was eens in Turijn, bij stralende zon en een ijskoude wind die de Alpen af woei die je rondom in de verte zag liggen, roze gekleurd.
Het uitgestrekte keien-marktplein aan de rand van de oude stad lag leeg. Op de achtergrond de Basilica di Superga, waar de vorsten begraven liggen. Een Chirico-achtig tafereel. Er gebeurde niets. Tot er een oude vrachtwagen aangereden kwam. Als bij afspraak doken uit de omliggende stegen vrouwen op, met boodschappentassen. Ze schaarden zich rond de neergeklapte laadbak, waar een norse man verkocht wat bleken te zijn brokken van de reusachtige paaseieren van chocola in zilverpapier, zoals ze daar met Pasen in elke winkel en stationsrestauratie liggen. Maar nu als afgeprijsde breuk.
In een mum van tijd was de vrachtwagen leegverkocht en weggereden. En de keienvlakte lag daar, even leeg als tevoren.