Artisjok

 Gisteren artisjokken gegeten. Een gerecht waar ze in veel landen geen raad mee weten, in Italië werden ze in hun geheel in de frituur gegooid. In Duitsland kreeg ik er een gebruiksaanwijzing bij. Met tekening.

 Wat eet je van zo'n uitheems groeisel, wat niet? De zin 'Haare, nicht gut' is me bijgebleven. En dan het vraagstuk hoe je in de slotfase, als er aan de resterende bladeren niets eetbaars meer zit, de harde kern moet aansnijden?

 De kans dat je toch, in je vrees voor verspilling, een bos Haare op je bord krijgt is groot. De gebruiksaanwijzing eindigde met 'Guten Appetit!'  

 Mijn eerste artisjok at ik bij mijn mooie tante Karin in Zutphen, die tekende en mij leerde tekenen, en veel reisde. Ik hield van haar en ik vond hem heerlijk. 

 Artisjokken zijn distels, ze bloeien ook. Denk aan de lotuseters in de Odyssee. Wie de lotus at wilde nooit meer naar huis. Ik had altijd wel bij Tante Karin willen blijven logeren.