Wat hoogteverschil in kantoren, maar ook tussen mensen in het algemeen uitmaakt leerde ik van de socioloog professor Den Hollander. Hoed u voor de mens van kleine gestalte, zei hij, hij heeft iets goed te maken.
Een voorbeeld was een Amerikaans onderzoek naar de ruzies in een Amerikaans restaurant, waar de keuken beneden was en het restaurant een verdieping hoger. De koks haatten de obers, die ze als minderwaardig voetvolk behandelden en toeschreeuwden bij elke bestelling. Vuile borden werden in de dienstlift gepropt. Men sprak over 'die van boven'.
De onderzoeker suggereerde de directeur toen de zaken om te keren. De keuken ging naar boven, het restaurant omlaag. Dat hielp. De schotels werden perfect afgeleverd in de dienstlift. Soms werd zelfs een compliment van een klant doorgegeven.
Donald Trump zit niet voor niks boven in zijn gouden toren.
Ook God zelf weet die dingen en blijft 'up there'.