Antonello

 Het was een lange reis geweest, bergop, bergaf. De nieuwe autostrada liep bijna steeds landinwaarts, de zee zag je nauwelijks. Tegen het eind kwam je pas in de Odyssee terecht. Eindelijk kon ik afdalen naar zee.

 Daar hoorde ik het zingen der sirenen, onderaan de steile krijtrot­sen. Een hallucinerend geluid. Dat veroorzaakt moest worden door de echo van de golfslag tegen de rotswand en het keienstrand. Echo van de echo, telkens weer.

 Ze noemen het niet voor niks de sirenenkust hier.

 Een dag later staken we over met het veer naar Messina. Aan boord ontmoetten we een oude heer die ons overdonderde met vragen over Antonello da Messina. De Italiaan die volgens Vasari bij Jan van Eijk de olieverf geleerd had en geïmpor­teerd in Italië.

 We waren nog niet weg daar, uit het huisje op de berg boven de straat van Messina met zicht op de Scylla en Charybdis. Met meloen en roze wijn. En Antonello da Messina.