De zomer dat ik in Predappio - geboorteplaats van Mussolini, door hem in grootse stijl gerestaureerd - verbleef was het warmer dan nu hier. Overal vuurvliegjes Bij het familiegraf van de Duce bleef het onverminderd druk, vooral met motorfietstypes. In het telefoonboek stonden tientallen Mussolini's.
De zoon die dirigent was zat op het songfestival in San Remo. Dus reed ik naar de Villa Giulia aan het Gardameer, waar ik eerder was. De eigenares was als meisje al verliefd op de Duce, 'zoals alle meisjes'. In het laatste oorlogsjaar zat Minnares Claretta Petacci in Giulia en elke avond kwam de Duce met z'n speedboot langs. In de kelder zat de SS-die alle gesprekken afluisterde.
Het gezin van Mussolini bivakkeerde in een villa verderop aan het meer, waar zijn echtgenote - een boerin, ook uit Predappio - op het gazon groente verbouwde en een koe hield omdat ze als de dood was vergiftigd te worden.
Op het marktplein kreeg ik de oude mannen aan het zingen: 'La giovinezza' natuurlijk (de jeugd), het lijflied van de fascisten. Het fascisme was een jeugdige, moderne beweging.
Mussolini was het eerste joggende staatshoofd. Zijn foto's in zwembroek getuigen ervan. Eens zou hij een partij tennissen met de Engelse gezant, maar hij kende de spelregels niet. Zodat de umpire ten aanschouwe van de wereldpers wel op zeker willekeurig moment moest affluiten en besluiten: 'De Duce heeft gewonnen.'