Iedereen kent Jan van Eyks 'Madonna met Kanunnik van der Paele' uit 1436. Waar menigeen overheen kijkt is dat Maria behalve het kindeke ook een vogel op schoot heeft. Men noemt hem een papegaai, maar hier op mijn zitten z'n soortgenoten. Het is een halsbandparkiet.'
Zowel Maria als het Christuskind liefkozen de vogel. Hoe dit zo? Kenner Harry van Boxtel heeft het voor een klein, maar wetenswaardig boekje uitgezocht. En het ontstaan van het schilderij in scenes weergegeven.
Dat de papegaai ook op andere manieren naar Maria kan verwijzen, anders dan door Ave te roepen laat Konrad von Würzburg (ca. 1230-1287) zien. Het gaat om water.
In de tekst van Von Würzburg wordt een beeld geschetst van een papegaai die niet nat wordt. Niet nat van hemelwater in het bijzonder.
De vergelijking van het maagdengemoed van De Maagd en de aard van het vederkleed van de papegaai en hun gedrag ten aanzien van het liedesvocht ofwel het hemelwater, is een nieuwigheid.
De vroegste vermelding over de omgang van de papegaai met water dateert van voor 1206, in de het bestiarium van Pierre de Beauvais (13e eeuw): ...'Hij haat de regen zeer, en van nature waakt hij er voor dat regen of een zware storm hem overvallen, wanneer hij buiten het bos rondvliegt, en keert om. Want hij is van nature zo dat regen hem bijzonder grieft omdat zijn kleur dan wegspoelt; en daar waakt hij voor, als alle wijze vogels.