Nu alom gejammer te horen is van mensen die niet zoals ze gewend zijn 'in de stad' kunnen gaan eten, liefst buiten met een straalkacheltje boven hun hoofd, denk ik aan mevrouw Boontje, die kookte voor de halve straat.
Dat was in een erg strenge winter. Er was ook een meneer Boontje. Daan Boon, die achter het fornuis stond. Mevrouw Boontje kende iedereen, ook de vrouw van de overspannen stratenmaker. En zo ging ik met pannetjes, met klepperende deksels over straat. En leerde tijdens het wachten hoe een stratenmaker overspannen kan raken, maar het niet kan uitleggen aan een therapeut.
Niet lang daarna stierf Daan Boon. En verhuisde mevrouw Boontje naar een vrijgekomen snackbar in de Van der Helststraat waar ze haar bedrijf voortzette. En tot verbazing van de buurt stond daar nu Mohammed in de keuken, met wie mevrouw Boontje iets had. Dat zag je zo, ook aan haar humeur. Ze ontwierp experimentele snacks zoals de tosti met plakjes rookworst.
Kort daarop brandde het cafetaria tot de grond af.
Ik zie mevrouw Boontje nog wel eens op de Albert Cuyp, alleen, gekleed als een deftige dame, met een glimmende, nieuwe bril.