de gouden handen bij het geboortehuis
het geluk van Damiaan
Damiaan-speculaas, Damiaan-koffie, alles in Tremelo (lokaal Damiaan-bier ontbreekt  hier niet)

Damiaan (2)

’t Was nog zoeken, ver achter Tremelo, op de grens met Keerbergen. Maar tenslotte rezen de gevouwen handen op, metershoog en van goud, in een bloemperk. Er omheen ligt het materiaal voor de stellages en tribunes al klaar.

Zondag wordt Damiaan officieel heilig verklaard.
In het dorp heb ik de kerk bekeken waar Damiaan gedoopt werd – zevende van acht kinderen – en waar hij de missen bezocht.
Een plaquette citeert hem op 16 november 1887, op Molokaï. Hij zegt op die dag dat hij ‘de gelukkigste missionaris van de wereld’ is.  Nu, in Leuven - waar hij begraven ligt in de crypte van de Sint Antoniuskapel - kijk ik om me heen naar de reuzenfoto’s die overal in het centrum zijn opgehangen. Op een ervan zie je Damiaan met een groep Hawaïanen, en, er is geen ontkomen aan, die man is gelukkig.
 Twee jaar later sterft hij.
 Zondag wordt het hier, in Brussel in de Koekelberg-kathedraal waar kardinaal Danneels spreekt en in Tremelo groot feest. In Leuven, hier een straatje verder is bij zijn graf een nachtwake.
 
Raadselachtige feesten zijn dat. Want wat viert men toch?
Laten we het houden op de postume roem van een dorpsgenoot. 
Zijn heiligverklaring maakt ons allen tot een beter mens.
Afgesproken? Okee. Ik heb mijn kaars gebrand, in Tremelo.