W.G.Sebald

 Die - vandaag tien jaar geleden, nabij Norwich - een hartaanval kreeg achter het stuur begon pas na zijn veertigste aan de uitzonderlijke reeks reisverslagen die eindigt met de roman Austerlitz.

 Een Duitser die kort na de oorlog emigreerde naar Engeland. En daar tenslotte begon aan zijn eigen geschiedschrijving en die van de Duitsers. Daarvoor schreef hij over literatuur en een ondergeschoven onderwerp: de vooroorlogse Duits-Joodse symbiose.

Zelf emigrant, kon hij schrijven over 'diegenen die het niet wordt toegestaan ergens bij te horen', over het nergens thuis zijn. Zo ontstonden boeken als Die Ausgewanderten (De emigrés): ‘Over mensen die zichzelf moesten achterlaten. Van wie alleen een huls overbleef.’ Op z'n 22ste ontmoette hij in Manchester Joden die ontkomen waren uit Keulen en Frankfurt, Worms en Wenen. In z'n Duitse jeugd in Schwaben waren geen Joden meer geweest. Toen vatte het idee post de doden recht te willen doen. De strijd aan te binden met de tijd, die reusachtige vernietigingsmachine.

 Vanavond in de Avonden.