Doeschka Meijsing (1947-2012)

 Boeken over liefde gaan meestal over het verlies ervan. Zo ook Doeschka Meijsings 'Over de liefde'.

 In 2009 deden we een openbaar gesprek op het podium van de Koninklijke Schouw­burg waar ze de F.Bordewijk-prijs kreeg. Ik vroeg naar haar overwegin­gen bij het prijsgeven van zulke hoogstpersoonlijke zaken en kreeg zo direct en oprecht antwo­ord dat heel de volle schouwburg even was verdwenen.  

 Over de gewaarwording van liefde of verliefdheid zelf schrijft ze weinig. Met een eerdere geliefde beleeft ze het bij een concert in de Brus­selse Muntschouw­burg: 'Ik zat naast Maret en ik wist dat mijn leven op dat moment van pure liefde gema­akt was, zo ongeschon­den en sterk dat het mij als een veertje optilde en mij meenam naar het rijkver­sierde deksel van de bonbondoos, waar engelen het voor het zeggen hadden, mij opdeelde in de pailletjes van de kroon­luch­ter, mij meevoerde naar het dak van de Munt, de hemel in, op weg naar de M­elkweg.' 

 Liefde als verdwijning.