Chantal Akerman (1)

 De heldin komt aangelopen door een lange hotelgang. Voor een deur staat een buitengezet dienblad met een bord waarop resten van een maaltijd.

 Ernaast een paar zwarte molières. Kennelijk is de bedo­eling dat het personeel ze zal poetsen. De heldin, gekleed in een bruine rok en een oker-met-bruin gestreepte blouse hurkt bij het stilleven en neemt een hapje van het eten. Dan pakt ze bedachtzaam het paar schoenen op. Er zit een ontzagwekkende erotische lading in deze scène.

 Akerman, de Brusselse filmmaakster die al zo lang in Parijs woont heeft een etage in het Antwerpse Museum voor Hedendaagse Kunst voor zichzelf. Films, of bewegende foto's. Soms kijk je naar een uitgewogen kodachrome binnen­huisje. Een ges­tucte muur, lang geleden in de glansv­erf gezet, of naar een vrouw die in al­ledaags blauwgrijs met donke­rrood interieur zwanger zit te zijn. Ademt ze? Ze ademt.

We bevinden ons voortdurend 'tussen de gebeurtenissen'. In haar film La chambre (1972) ligt Akerman in bed en eet een appel. Anders niks. Maar het beddegoed, de plooien, de kleuren!