Vermeer (2)

 Nooit zijn meer liefdesbrieven geschreven dan juist nu. Ze komen en gaan vliegensvlug via drukken op de knop. Bij Vermeer zie je het briefpapier, het wachten.

 Wat de ontvangsters, altijd vrouwen zich in het hoofd haalden tijdens dat wachten. Wat er met ze gebeurde als ze het bericht eindelijk in handen kregen. Het verbreken van het zegel, het gretige lezen. En dan het terugschrijven. Soms schrijft ze er een en terzelfder tijd brengt haar dienstmaagd er een binnen, zoals hier: kruisende post is kruisende mail geworden. En denk niet dat met de mail verdwenen zijn wat Kafka 'briefspoken' noemde - de demonen die onze woorden leegzuigen en er valse bedoelingen in blazen.

 Dit schrijven lijkt op het telefoneren van nu: lachen en gebaren tegen een onzichtbare. De vrouw kleedt zich er mooi voor aan. Vermeer laat ons door haar kleren en sieraden weten hoe verliefd, maar ook hoe wantrouwig ze is.

 De inhoud kent alleen de schilder. Soms zit ook de dienstmaagd in het complot. Wij mogen raden, iets opmaken uit de tekens die hij ons geeft. Wat beduidt een schilderijtje aan de muur, een paar sloffen - die wijzen op 'onwettige liefde' schijnt het, het dragen van de kleur geel - 'geel past bij geliefden en hoeren' volgens Andrea Al­ciati (1550) en zo door. 

Vanavond na 22.00 in de Avonden meer.