Secret Gardens (3)

 Al waar we van dromen. Dat herbergt de verborgen tuin. Het Freudiaanse onbewuste, de metamorfosen, het Paradijs.

 Ja dat toch het meest. Het is er prachtig maar onsterfelijk saai. Dan kruipt de Oude Slang naar Eva - die al die tijd al een sluimerend verlangen had, ze werd onrustig - en fluistert haar in dat een hapje appel genoeg is. Adam blijkt een koud kunstje, mannen kun je alles wijsmaken.

Op Secret Gardens neemt het verhaal vele gestalten aan. Johan Meijerink maakte Adam en Eva tot loden duo's die in een zandcirkel onbeweeglijk tegenover elkaar staan, als figuren in een Zentuin. En Edward Clydesdale Thompson hing schermen voor de ramen die licht doorlaten als een bladerdak. Dat laatste riep een in mijn leven onvergetelijke busreis op met de Gelderse Tramweg Maatschappij. Van Dieren naar Velp, onder het bladerdak van een eindeloze bomenlaan reed de bus. En ik bleef maar staren naar de lichtvlekjes door het open dak.