Tekeningen uit de 350 schetsboekjes en brieffragmenten waaruit Isaac oprijst - voor het eerst kon geput worden uit de briefwisseling met boezemvriend Frans Erens - als chroniqueur van het fin-de-siècle.
Vandaag kreeg ik het buitengewoon amusante boek van Jessica Voeten en Freek Heijbroek in handen bij de opening van de tentoonstelling in het Stadsarchief. Het Amsterdam van de jonge Tachtigers, die aan de stadsranden woonden, in de Pijp of rond het Oosterpark.
Wat een verhalen! Over zijn brouillage met Breitner om een model dat Isaac van hem kaapte. En de eeuwige aandrang om toch eens te trouwen: 'Als ik een vrouw had die ik nu en dan kon zien zou het perfect zijn. Maar ja, dat kan ik niet, men moet altijd bij elkaar zijn en dat maakt mij bevreesd. Ik ben misschien niet erg dapper.' Erens en hij hielden het op 'betaalde liefde'. Tot Erens toch trouwde.
De brieven van Isaac Israels - die met Erens zijn in 't Frans, zelfs op hun kroegentochten door Amsterdam, bij het kamers zoeken spraken ze onder mekaar Frans - zouden nu toch echt eens vertaald moeten worden en verschijnen. Meesterlijk-directe schrijver ook nog.