Mensen die je niet kent komen je blikveld binnen, onhoorbaar pratend achter glas, onbegrijpelijke alledaagsheden uitwisselend in auto's. Het regent in Parijs ongewoon veel, al is het zomer.
In de hele film Le Passé van de Iraanse regisseur Asghar Farhadi schijnt niet één keer de zon. Geleidelijk merk je hoe snel je afgaat op uiterlijkheden, gebaren, bezigheden - bezigheid maakt aardig - waarin mensen even een indruk achterlaten, tot opeens het tegendeel blijkt. Dat gaat het hele verhaal door.
Le Passé, het verleden, houdt elk van de personages in z'n greep, als in een Griekse tragedie. De aantrekkelijke vrouw van drie mannen en moeder van twee kinderen is het personage om wie het draait. Haar verliefdheden zijn natuurrampen waarvoor alles wijkt. Mnemosyne, de moeder der muzen, en die van het geheugen, heeft alle karakters in haar greep. Er zijn 'dingen gebeurd', onherstelbare.
Denk niet dat van de volwassenen in Le Passé wie dan ook aardig of onaardig is, gelijk heeft of ongelijk. Kinderen zijn de dupe. Totdat ook zij aan de beurt komen om iemand iets aan te doen, zoals de dochter die de liefdesmails van haar moeder aan de vrouw van een nieuwe minnaar stuurt.