'Denkers gaan maatschappelijke problemen te lijf.' Onder die kop zal een 'G8 van de Filosofie' zich op 18 april in Amsterdam buigen over 'de belangrijkste problemen van deze tijd'.
Als filosofie gaat over fantaseren, literatuur of zindelijk denken volg ik het zover ik kan. Zodra het ontaardt in beweren zonder bewijzen krijg ik het - net als Willem Frederik Hermans - te kwaad. En wat te denken van het oplossen van concrete problemen? Nu dan: 'een internationale denktank van 9 filosofen', ruim vijfentwintig lezingen, gesprekken, interviews en colleges, waarbij bezoekers 'de denkers van dichtbij aan het werk zien en ze zelf vragen kunnen stellen'.
Wat zou toch een denker zijn? Volgt de vraag van Filosofie Magazine: 'Wie gaat deze denkkracht gebruiken en de vertaalslag maken naar daadkracht? Wie pakt dit op voor het verbeteren van zijn eigen leven, dat van anderen, van een wijk, een stad of misschien wel heel Nederland?' Ja wie? De hoofdredacteur 'hoort graag concrete plannen'.
Aanwezig zijn oa. Peter Sloterdijk, Aziz Al‑Azmeh, Damon Young, Markus Gabriel, Benjamin Barber en John Gray. Samen met Nederlanders als Marli Huijer, Jos de Mul en Joke Hermsen zoeken ze op 18 april antwoorden op vragen over werkdruk en keuzestress, de functie van religie, de rol van de islam in Europa, vreemdelingenhaat en populisme en de nadelen van wetenschappelijke en technische vooruitgang, zoals minder privacy, milieuschade of ruimtegebrek. Is geloven in vooruitgang een mythe of een must? En nog veel meer. 't Is al uitverkocht. Al weet je dat dit soort discussies moet eindigen met de conclusie 'dat het laatste woord hierover nog niet gesproken is.'
Filosofen zijn nu eenmaal amateurs op praktische terreinen als economie, bestuur of neurologie. Vele natte vingers in de lucht worden dat. Geen denker heeft ooit zelfs maar een voetbalclub geleid.