Ravage (3)

 De vernietiging op 25 augustus 1914 door Duitse troepen van de universiteit, gevestigd in de eeuwenoude Lakenhal van Leuven, en de bibliotheek met 230.000 boek­en, waaronder 750 middeleeuwse manuscripten, daarover gaat het in M. .

 En de vraag blijft, waarom moesten 'ze' juist de kunst hebben. Het heeft me altijd verbaasd. De Taliban in Afghanistan bliezen beelden van een veel oudere religie dan de hunne op. Waarom? Waren die bedreigend voor ze, daar ver in de bergen? De Nazi’s verbrandden boeken die ze niet aanstonden en gingen te keer tegen 'entartete' kunst. Dachten ze echt dat die hun bewind zouden ondermijnen?

 Vreemd. Totalitaire regimes verdragen geen tegenspraak, zelfs niet op fluistertoon in verre uithoeken, tegenspraak maakt ze razend. Er gaat iets onverdraaglijks uit van kunst en kunstenaars. Tijdens de oprispingen over de kunstbezuinigingen vorig jaar kwam dat ook naar boven. De snee in Who's afraid of red, yellow and blue komt altijd terug.

 Maar dan. Zie ik in Leuven een ontroerend filmpje van geallieerde soldaten die de door Hermann Goering geroofde kunstschatten in veiligheid brengen. En gaat het opeens – voor beide partijen - om iets verhevens. De trots van naties. Stelen of kapotmaken?

 Ik herinnerde me het verhaal van de strijd om Pisa in 1944. De Duitsers en geallieerden hadden allebei beschaafde commandanten, die afspraken dat ze met hun kanonnen over de scheve toren en de kerk heen zouden schieten. Dat lukte wonderwel. Tot door een foutje het Campo Santo, de eeuwenoude begraafplaats met zijn fresco's en monumenten toch geraakt werd. Spijtig voor komende generaties Duitse toeristen.