Vlooienmarktkunst

 Hans Heesen - weldra komt in Utrecht weer zijn jaarlijkse marathonvoor­lezing door 101 stemmen van Gorters Mei – bedacht het Museum voor Ongesigneerde en Vlooienmarktkunst.

 Ik vroeg of ik mee kon doen. Dat kon. Van mijn aangetrouwde Antwerpse tante erfde ik dit A4-grote schilderijtje waar ik alle keren dat ik bij haar op visite was uit mijn ooghoek naar keek. Het hing naast de schoorsteen, in de Paradijsstraat, hoek Kattenstraat waar W.G.Sebald in Austerlitz nog langs loopt. Ik moest me er telkens voor omkeren, dat had ze wel gemerkt. Toen haar testament geopend werd bleek het voor mij.

 Nu kijk ik er vrijwel dagelijks naar. Het ziet er steeds anders uit. Bij elke lichtinval, zomer en winter, overdag of 's avonds, bij dag- of lamplicht. Het is in olieverf op doek, geplakt op hout, niet gesigneerd. Wat ik passend vind. Een signatuur of zelfs initialen hadden een schilder in huis gehaald, met al zijn wanhoop. Nu is het van iedereen, als een stenen aapje hoog op een kathedraal, waar toch niemand het ziet, puur voor het plezier van de steenhouwer.

 Een landschap. Zo klein als het paneel is, zo weids is het van blik en opzet. In weinige verfstreken spot het met afmetingen en met de tijd.

 Het is ouder dan ik ben en zal me ook overleven.

 Hoe nu verder met dit project van Hans Heesen? Ik vroeg rond, er werd me al wat in het vooruitzicht gesteld door een veilingbezoekster die ook houdt van anoniemen.