Mensen hebben tien vingers, ook gitaristen. Maar de uitvinding van het plectrum maakt dat ze er doorgaans maar zeven gebruiken. Alleen de zogeheten fingerpickers gebruiken ze alle tien. Ze spelen met hun nagels, of met fingerclips. Nog hoor ik Ry Cooder in onze studio geschrokken prevelen 'shit I broke a nail'. Nailpolish, versterkende olie werd aangerukt.
Rond 1970 belandde ik in de wereld van de Fingerpickers. In Nederland een handvol, Leo Wijnkamp - over wie later meer - was er, Frank Sutherland, en via Frank maakte ik kennis met Ton van Bergeijk. Ook al een Haagse jongen, die met Philip Kroonenberg een duo was geweest.
Ik nam zijn fingerpicking stukken op en Stephan Grossman maakte er in Rome een plaat van die met een instructieboek de wereld rondreisde. Ton kreeg brieven uit Japan.
Geld was er niet, de radio bood uitkomst, hij speelde bij de Gangbusters, de Izzies en de Dutch Swing College. Met plectrum, dat wel. Maar het fingerpicken heeft hem nooit verlaten. Deze week kreeg ik de gloednieuwe CD 'Pickin' again' met een briefje waarin hij schrijft 'jij was de enige in Nederland die in de jaren '70 aandacht aan mijn fingerpick-gedoe heeft besteed. Amigos de Musica was dat.'
Ik luister en hoor favorieten als Jerry Reed voorbij komen, James Booker, Chet Atkins en meer. Adembenemend. Later het Van Bergeijk verhaal. Geen klein verhaal..