Als ik probeer me dit in Nederland voor te stellen strand ik halverwege Willem Holleeder en Jos van Rey. Maar dit is Italie. Politiek en misdaad zijn innig verweven, en ook de kerk speelt mee. Met de film Suburra ‑ wat de naam was van een voorstad van het antieke Rome - kwam ik terecht in de wereld van geweld, wapens, wraak en macht.
Ik las eens dat met handvuurwapens bijna altijd wordt misgeschoten. Dat zie je hier uitvoerig bij een renpartij door een supermarkt.
Territoria die bloedig omstreden worden. Door mannen. Vrouwen zijn daar hoeren of moeders van boevenkinderen. Deze Italiaanse variant eindigt met de godfather die zijn moeder bezoekt. Die cake eet.
Een mooi klassiek rustig type, die padrone, al wat ouder en bezachtzamer, die het lijkt te winnen van de jeugdige roudouwers. Waarna hij toch nog wordt doodgeschoten door het laatst overgebleven gangstervriendinnetje, het junkmeisje dat haar vriendje wreekt. Vergeet bij afrekeningen nooit iemand. Het regent vrijwel permanent.
De inzet: Ostia, aan de kust bij Rome zou met politieke hulp een soort Las Vegas moeten worden.
De typecasting van Stefano Sollima is uit het boekje. Ook doordat de plot werkelijk sluit als een bus. En door de parodistische overdrijving. Is dat leuk? Nee. Is het spannend? Nee. Maar ik bleef wel plaatjeskijken, tot het laatste revolverschot.