Hoerenzoon

 Confabulations ofwel geklets, de aantekeningen van John Berger (1926-2017), kort voor zijn dood bijeengebracht, gaat over schrijven en taal. Schrijven, waarom? En hoe gaat dat dan? Berger begint met de drang dat iets verteld moet worden. Als hij het niet doet, doet misschien niemand het. Hij is niet een echte schrijver, zegt hij, maar iemand die gaten stopt. Een 'stop-gap-man'.

 Hoe gaat dat schrijven?

 'Als ik een paar regels geschreven heb, laat ik de woorden weer terugglijden in hun taal. En daar worden ze meteen herkend en begroet door een menigte andere woorden, die een verwante betekenis hebben, of een tegenstelling of een metafoor of alliteratie of ritme. Ik luister naar hun geklets. Samen strijden ze om hoe ik de woorden die ik koos gebruik. Ze zetten vraagtekens bij de rollen die ik ze toegekend heb.

 Dus ik fatsoeneer de regels, verander een paar woorden en leg ze opnieuw voor. Volgt nieuw geklets. En dat gaat zo door tot er een gemompel van voorlopige instemming is. Dan verder met de volgende alinea.

 Nieuw geklets zet in.

 Anderen kunnen me neerzeten als een schrijver, als ze daar zin in hebben. Voor mezelf ben ik een hoerenzoon. - en je raadt al wie de hoer is, nietwaar?'