De trollen zijn onder ons. Nu ja, onder de Zweden, in de film Gräns van Ali Abbasi. Misschien zijn het Finnen. Zoals alle vreemdelingen zijn ze eigenlijk geen mensen, maar hier echt. Iets tussen mens en dier, dat liefst stiekem insecten eet.
Ze draaien mee in de mensenwereld en dragen zoals Tina een uniform van de douane, welk werk zij wonderlijk goed doet omdat ze alles waarneemt met een extra zintuig.
Ze ontdekt pas dat ze een trol is als er een soortgenoot de douane passeert. Ze hebben iets Neandertaler-achtigs en zijn niet lief.
In de film is dat haarfijn uitgewerkt, de tweegeslachtelijkheid komt in beeld, inclusief vreemde geslachtsdelen, zelfs de onmenselijke baby's die ontstaan met een staartje.
Nee, ze zijn geen mensen, afstotelijk, huiveringwekkend, vies. Alleen grenswacht Tina is geadopteerd en opgevoed door vriendelijke mensenouders en leeft tussen beide soorten.
Het onderwerp van de film zou 'de vreemdeling' moeten zijn, die eigenlijk niet menselijk is, maar de fantasie van regisseur Abbasi slaat op hol. Er ontstaat een heel nieuw mengras.
Geert Wilders zou zeggen 'zie je wel'.