Scheldwoord

 Het begon bij de opvoeding. Als peuter sprak ik alle volwassenen aan met 'je' tot me werd geleerd dat mijn grootouders 'U' waren. Het waren ook wel echte 'U' verschijningen. Ze roken 'U', ze liepen 'U'.

 Eens werd ik door een buurman die ik met 'je' aansprak verbeterd, die op strenge toon zei: 'Hoor es jongeman, ik ben je vriendje niet'.

 In het boekje 'U als scheldwoord' van taalkundige Marc Oostendorp over 'taalverschijnselen' wordt het niet uitgewerkt, daarom dit, nu. Het gaat kennelijk om het scheppen of onderstrepen van afstand tussen aanspreker en aangesprokene. Soms bij een blunder zelfs  aangevuld met 'ga je mond spoelen'.

 Hoe 'U' een scheldwoord kan worden lijkt duidelijk. Als het taalkundig onderscheid in rang meer en meer verdwijnt zegt dat weinig. Een Amerikaanse president is ook 'you'.

 Er zijn andere middelen. Zoals het in ziekenhuizen gebruikelijke 'mag'.

'U mag nu de onderbroek uitdoen.'

 Dat zegt een verpleegkundige in witte jas. Dus niet snedig antwoorden: 'Zo, mag ik dat?' Maar doen wat je gezegd wordt.

 Toen Johnny van Doorn eens door een tramcontroleur gesommeerd werd: 'Uw plaatsbewijs', zei hij: 'Beste man, ik heb nog nooit in mijn leven zonder geldig kaartje gereisd..' Fout, dat eindigde op het politiebureau Warmoesstraat.