Avontuur en techniek

 Alles is een keer uitgevonden. Door iemand. Ik dacht aan de tekenleraar Beks, die zijn asbak op tafel zette en ze: 'Hier is over nagedacht. Door iemand.' Zelf ontwierp hij plastic emmers en gieters. De ontdekking van de ontdekking hield me bezig. De dingen waren er niet zomaar, nee, ze waren bedacht en uitgevoerd.

 Nog denk ik vaak 'welke idioot bedenkt zoiets?'. 0f het omgekeerde. Er waren culturen waarin de vrouwen hun vloeren veegden met een handstoffer. Tot een zendeling de bezem met een steel introduceerde.

 En steeds kom ik weer terug bij de reeks 'Avontuur en techniek', want zoiets heet een reeks. Een serie dunne boekjes, met authentieke il­lustraties. Uitgegeven door ik denk de Wereldbibliotheek. Ik las ze toen ik twaalf jaar oud was. En keerde terug naar de eerste keren in de geschiedenis, de bedenkmomenten. Het ongeloof van de omstanders.

 Daar had je Cornelis Drebbel die met z'n duikboot door de Leidse grachten voer, de architect Jan van de Dom van Utrecht, die de domtoren ontwierp en meer. Uitvinders en ontdekkingsreizigers. Nergens meer te vinden die boekjes. De mijne zijn zoekgeraakt bij verhuizingen.

 De spanning, de sensatie van de eerste keren. De fietsenmakers, de gebroeders Wilbur en Orville Wright met hun eerste vliegtuigje in Dayton, Ohio.

 Lees Kafka's 'Aeroplane in Brescia'. Hij ging kijken en beschreef het in een krant.