Cold war

 'Cold war' wordt omschreven als een 'fatale romance in zinderend zwart-wit'. Ik zag vooral een stijloefening, waarin weinig ontbrak. Het Oostblok zoals het was, met besneeuwde treinen, grensposten, en dan het Westen. Parijs werd een nachtclub met jazz, op zeker moment zelfs onderbroken door Rock around the clock.

 Tijdsbeelden uit het grote album. Vaardig gedaan. Maar er ontbreekt iets.

 Wat in de liefdesgeschiedenis van Pawel Pawlowski maar spaarzaam doorkomt is het identiteitsverlies achter het IJzeren Gordijn. Het gedwongen zijn voortdurend toneel te spelen, op je  tellen moeten passen. Het zit er wel in, maar hoe het levens misvormde blijft vlak. Tot het wat afgeraffelde slot.

 Nergens wordt de intensiteit bereikt van het thematisch verwante Das Leben der Anderen. Terwijl daar voor de film de kans lag. Je ziet het leven in twee werelden, het vrij gemakkelijk kunnen vertrekken naar de andere kant omdat dat voor kunstenaars - zij zingt, hij componeert - makkelijker was. Maar dan.

 Eenmaal in het Westen aangekomen komt het heimwee. Ze willen terug. Maar naar wat? Naar wie? Het gebeurt, iets te plotseling, iets te pathetisch, met een terugkeer naar de ruïne van het kerkje op een verlaten viersprong in Polen waar hun liefdesgeschiedenis ooit begon.