De dingen

 Nu kan ik m'n vingers laten gaan langs het omslag van het net verschenen grote boek 'hoe de dingen ons bewegen'. Ik schreef hoe huizen mij bewogen, drieëntwintig anderen vertelden van hun omgekeerde werelden. Een van hen, K.Michel, over de schakels tussen ons en de dingen: knoppen en toetsen.

 'Vroeger was een knop een teken van macht. De regeringsleider had een rode knop, de generaal had een rode knop.' (...) 'Nu beginnen de knoppen door het oprukken van de toetsen steeds meer terrein ter verliezen...'.

 Michel schetst de overgang van bevelen naar 'toegang vragen', met een code, zodat het wantrouwige apparaat weet dat jij jij bent. En daar sta je met de pet in de hand.

 De volgende stap is het verbond van apparaten. "Je loopt bijvoorbeeld door een groot warenhuis en jouw aanwezigheid zorgt ervoor dat er diverse netwerken worden geactiveerd die op jou reageren, oa. door boodschappen naar je telefoon te sturen en gegevens over je winkelgedrag naar 'dataonderzoekers' te zenden. Geen opdracht of verzoek meer nodig."

 Daar heb je het. De vraag lijkt weer 'wie is hier de baas'. Of beter, wie is hier lui.

 Sinds de zelfdenkende lantaarnpaal die een kapot peertje bij de centrale meldt is de vraag of de dingen van assistenten tot managers worden en het van ons zullen overnemen. Het is een kwestie van tijd voor een computer voorgoed wereldkampioen schaken wordt, zegt men. Maar een computer die zelfstandig de straat kan oversteken zonder te worden aangereden zal nog even duren.