Boijmans' prentenkabinet vertoont het verhaal dat prentenmaker Max Klinger in 1881 bedacht na de vondst van een handschoen. Een verhaal in tien prenten, opgedragen aan de vrouw die hem verloor.
Tien etsen die zich afspelen op de rolschaatsbaan in Berlijn. Droombeelden , hallucinaties, nachtmerries. Later werd Klinger bewonderd door Max Ernst en De Chirico en aangezien voor een voorloper van het surrealisme.
Klinger kwam uit Leipzig. Een volbloed romantische schilder en graficus. De tien afleveringen van Handschuh zijn nu compleet te zien plus een keus uit andere reeksen die Klinger tussen 1879 en 1915 maakte.
Op de eerste prent beland je op de in !876 geopende rolschaatsbaan in Berlin-Hasenheide. Kennelijk een sjieke plek waar geflirt werd. Je hoort zowat het geluid. Klinger staat tweede van links en praat met zijn Noorse studievriend Christian Krogh, vermoedelijk over het meisje in het wit op de achtergrond, dat zit te wachten.
Op de tweede prent bukt Max (hij is het duidelijk zelf) zich om de handschoen op te rapen die de zelfde vrouw in het wit - per ongeluk of met opzet ‑ heeft laten vallen.
De handschoen gaat een eigen leven leiden. Op blad drie, getiteld 'Verlangens' komen we in een droomwereld terecht. Max zit op zijn bed met de handschoen voor zich, gezicht in z'n handen. En dan, op prent vier is het meertje een stormachtige zee geworden. De handschoen dreigt ten onder te gaan. Maar Max, in een klein zeilbootje, vist hem op met zijn wandelstok.
En zo door, de handschoen stuurt een span paarden over de zee, maar.. een monster doemt op. De kunstenaar droomt verder en verder. De handschoen wordt een voorstelling, met het monster tussen de gordijnen. Het steelt de handschoen en vliegt ermee her raam uit. Laatste prent. Amor beschouwt aandachtig de handschoen.