Eten

 Het begon met het gebedje: 'Heer zegen deez' spijs en drank. Amen.' Was het klaar dan eindigde het met 'Heer dank voor deez' spijs en drank, amen'. Na het roken kwam het eten. Er moet iets in de mond.

 Ik heb er al vroeg een weerzin tegen opgevat. Eten en lopen tegelijk, bah. De eetwandeling. Hoe het begon? Met broodbeleg. Gele of rode jam die net eender smaak­ten. En plakjes cervelaatworst ook wel sterf-op-straat-worst genoemd.

 Er waren uitzonderingen, verjaardagstaartjes, maar niet bij ons. Met het half pond mariabiskwie in de week voor een gezin van vijf.

 Mijn oplossing was het zo snel mogelijk naar binnen proppen van de kleffe witte boter­ham­men van Hus, de Haagse stadsbakker die Tip Top maakte toen bruin brood nog voor arme mensen was.

 Naar school kreeg je brood mee in een na gebruik opklapbaar blikken trommeltje. Dat al spoedig verdween over het muurtje van de conciërgetuin. Er waren nu Pennywafels en spritsen.

 Gerard Reve heeft eten een vieze gewoonte genoemd. Liefst te verrichten achter een jute gordijn, waar niemand het je zag doen. Op zijn ritten naar Dieu-le-fit stopte hij altijd op dezelfde aire, halverwege en at zijn brood met een varkenskoteletje. Door niemand gezien. Joop ging zelden mee, want die sprak geen Frans en verveelde zich daar.

Tags: