Wat mankeert er aan ons. Vraag het de Engelsen. Toen ik op het bed van John Lennon en Yoko Ono zat en Yoko zich in zijn ogen vreemd gedroeg zei John: 'She's foreign you know.'
Daar heb je het. Wij zijn 'foreign'. En reddeloos. Je kunt ons hooguit voor de grap nadoen. Denk aan ober Manuel in Fawlty Towers, de Fransen in 'Allo, allo' of Inspector Clouseau van Peter Sellers. Gekken zijn het, die buitenlanders. Van een minder soort. Je moet er niks mee te maken hebben.
Na de volksstemming over Brexit schreef ik oa.: 'Desastreuze uitslagen voor de moedige mevrouw May. Oorzaak: hoogmoed. Public schoolboy Boris Johnson die ze Brexit aansmeerde liet zich niet zien.
In zijn 'Monoloog van een anglofoob' legde W.F.Hermans nog zo mooi uit wat een 'public school' is: '...een soort kostschool. De kost bestaat uit havermout, appelstroop en oude cricketballen.' En hij voegde toe: 'Het is bekend dat er op een public school niets maar dan ook niets onderwezen wordt'.
Maar het mooist is hoe Michael Flanders en Donald Swan de Engelsen duidelijk maakten hoe ze denken over 'buitenlanders': 'It's not that they're wicked or naturally bad. It's knowing they're foreign that makes them so mad.' Aldus hun 'Song of patriottic prejudice' (1965)
De splendid isolation van Disraeli is niet meer. En ik neurie met Ray Davies:
I'm on an island
And I've got nowhere to swim
Oh what a mood I am in
I'm on an island.'