De employé van de Reinigingsdienst droeg kaplaarzen en beenkappen. De vuilniszak was nog ver.
Op maandagen kwam de stationcar van de Hoover-service, die in overal in de straat Hoover wasmachinetjes langsbracht, die voor zessen weer werden opgehaald nadat de was was opgehangen. Nog voel ik de geribbelde deksels en hoorde de geluiden. De vrouwen in het straatje grepen ook dit aan voor een praatje. Vooral over wasmiddelen, waarvan Omo de voorkeur had.
Tegen half vier kwamen de kinderen uit school en rees de geluidssterkte in het straatje. Er werd gevoetbald met een tennisbal waarbij het de kunst was die met zijkant schoen over stoepranden heen te wippen naar de metalen tuinhekjes die als doel dienden en bij een doelpunt prachtig klonken. Berry Hulshof en Sjaak Swart wisten daarvan. Ploink. Het wippertje.