Huismens

 Dit uit de tijd dat huizen werden aangekleed als mensen, met ondergoed, bovengoed, zoals vitrage de onderrok van gordijnen is. Gezien op de Art Deco tentoonstelling in het Haags Gemeentemuseum.

 Schemerlampen overal, hangend, staand. Wie licht spreidt, spreidt gezelligheid. Niet zoals mijn allochtone achterbuurman, die een enkel bloot peertje aan een draad heeft hangen, meer niet.

 Wat doe je als alles kan. Dat draait uit op combinaties van wat doorgaat voor gezelligheid en 'betekenis'. Architectuur dus, binnen- en buitenshuis.

 En zo kom je terug in de strijd tussen de Stijl en de Amsterdamse school.

 Als jongetje begon ik met Stijlkleuren en rechte hoeken, tot ik in Amsterdam op vuilnisdag vreemde lampen langs de stoep vond. Ik repareerde een Kunstig smeedwerk waaraan een rokje hing dat losliet en steeds in de soep viel.

 Ik vond een vierkante reuzenvaas met jugendstil beschildering. Allang gebroken. Was nu heel duur geweest.

 Maar ik was voorgoed verloren voor het calvinistisch evangelie van de opvoeders van De Stijl en Bauhaus. Die zo goed wisten wat goed voor me was. Niks hoor. Fantasievolle frutsels, die doen me goed.