Iemand zijn in Amsterdam

 Mijn boekje is er. Vanmiddag bracht de drukker uit Nieuwegein een doos de trap op. Kijken en ruiken. Het was goed.

 Drieentwintig verhaaltjes over mijn eerste dagen in de vreemde stad Amsterdam. Waar ik in 1962 zou gaan studeren, wat dat ook was. Eens moet je als jongeman de plaatsen achter je laten waar je bent opgegroeid, waar je de weg weet. In Amsterdam wist ik niets.

Ik bekijk het omslag, de Nieuwe Leliestraat, mijn eerte Amsterdamse straat. Met rechts het Cafetaria Smitje, mijn eerste houvast in het onbekende. Medebewoners van het studentenhuis aan de Westermarkt kwamen er. Smitje was een kleine, dikke man die glom van het frituurvet. Hij droeg een keurig wit mutsje en stond bekend om zijn varianten op de frites-saus. Zijn zaak zat aan het begin van de straat, pal voorbij de brug over de Prinsengracht. 

Smitje bakte friet, je kon er mayonaise bij krijgen uit de plastic pot met de drukknop. Maar op een dag ging hij daarmee experimenteren. Zo mengde hij als fritessaus eerst mayonaise met ketchup en noemde dat 'Smurrie'. De studenten vonden het grappig. Daarna introduceerde hij 'Hurrie Durrie' waarin door de mayo en ketchup ook mosterd werd gemengd. Smitje bleek een uitkomst. Verder was eten een dagelijks weerkerend probleem.

Deze week wordt mijn boekje 'Iemand zijn in Amsterdam' in kleine kring aangeboden, met als attractie porties patat met naar keuze Smurrie of Hurrie Durrie, volgens historisch recept.  

Iemand zijn in Amsterdam' wordt uitgebracht door kleine uitgeverij Avanti, telt 63 pagina's en is niet duur. Te bestellen door een mail naar yolnus@xs4all.nl