Luik-Bastenaken

 En het regende côte op côte af. Ik wachtte tot ik het Hotel de la Grotte zou zien, waar ik een paar keer logeerde. In vergane luxe, met verwarmingsradiatoren in art déco behuizingen. Naast de grot van Remouchamps.

 De Ardennen roepen vocht op. Het behang laat er los. Het komt nooit meer goed.

 Ik wachtte op de doortocht van de wielrenners van Luik-Bastenaken, op weg naar La Redoute, vroeger de beslissende klim, tot de aankomst verlegd werd naar Ans, bovenop het Maasdal, aan het eind van een idioot steile stijging. Die helaas uit het parcours geschrapt is.

 Het Hotel de la Grotte waar eens behalve mijn vriendin en ik een Nederlands 'echtpaar' logeerde waarin ik Frits Hotz en zijn zuster - bij wie hij immers inwoonde - moest herkennen. Dit waren geen getrouwde mensen, dat zag je, maar ze konden het goed vinden tussen de coniferen in koperen sierpotten, net als wij. Bij de 'Truite aux amandes'.

 We zagen de wielrenners voorbijschieten. Hotz keek er niet naar om.

 Vandaag, in de Ardeense regen, kwam de route ook niet meer voor het Hotel de la Grotte langs, maar maakte een bocht er langsheen naar de Amblève. Om zo toch bij La Redoute aan te komen. Waar niets meer gebeurde omdat het parcours verlegd was. Het woord is betekenisloos geworden.

 Een Deen met poëtische naam Jakob Fuglsang won, geen Vlaming. Vlamingen gebruiken bij verlies graag en veel hun woord voor teleurstelling: 'ontgoocheling'.