Niet

 Zelden weet ik zo goed waar ik niet bij hoor. Juist omdat ik bekropen word door valse sentimenten. Nog zie ik op het schoolplein in 1955 de roodwitblauwe melkbekers met een oranje leeuw erop, uit­gereikt aan ieder schoolk­ind, in het gedrang aan scher­ven gaan. Een schoolplein vol roodwitblauworanje scherven. Mijne bleef heel en bladderde in jaren af. 

 Ook het huwelijk van Beatrix in de Westerkerk. Waar ik om de hoek woonde en rijen exoti­sche Koninklijke gasten in de stromende regen langs de ­grachten hun auto's zag terugzoeken, nadat de rook­bommetjes van Jaap en Lia Zander in de Raad­huis­traat waren afgegaan. Ik kende ze. Was tevoren bij ze langs op Witten­burg. En herinner me hoe hun schild­pad een in de zon glimmend spoor van schildpaddenstront over de planken vloer trok. 

 Mijn vriend Jilles Nieuwstraten, kenner van Eric de Noorman, maar ook wachtmeester bij de rijkspoli­tie in Spijkenisse, deed die dag dienst in Amste­rdam en kwam even - geschrokken - bij mij uitblazen. Zat in uniform op m'n studentenkamer thee te drinken voor ie weer moest.

 Er is altijd een andere kant. In 1980 bleef ik maar binnen. Vond de slogan 'geen woning geen kroni­ng' eenvoudig te dom.