Open tram

 Dit voor de warmste dag. In Scheveningen en dus ook Den Haag was het vroeger altijd mooi weer. Om dat te onderstrepen reed 's zomers de 'open tram'. Gesloten motor­wagens met een of twee open bijwagens. In andere steden bestond dat niet.

 Hagenaars waren extreem weersgevoelig. Zodra zich opklaringen aandienden stormden ze naar de tramlijnen naar de boulevard, de pier en het strand. Op deze trams, de lijnen, 8, 9, 11 en 14 werden de open bijwagens ingezet. Wagens waar je met een treeplank langszij overal kon opstappen.

 En dan waren er nog de Blauwe Tram en de spoortrein naar het stationnetje Scheveningen.

Conducteurs kregen het lastig met de kaartverkoop. Op het Gevers Deynootplein voor het Kurhaus. Op donderdag droegen de trams het bordje 'Hedenavond vuurwerk Scheveningen'.

 Rotterdammers kwamen met lege flessen die ze aan de stadspompen vulden met duinwater voor de thee thuis. De smaak van het Rotterdams leidingwater was berucht. 

 Vanaf mijn grootouderlijk huis liep ik heel jong naar de Scheveningseweg om de open tram onder de bomen te zien rijden. Ik heb er zelfs in gezeten. Pure toverij, deze opheffing van de scheiding tussen binnen en buiten. De lauwe bries tussen de houten banken.