Selfish giant

 Schroot. Dat is wat je ziet, daarin wordt gehandeld. Ook in Bradford, Engeland levert koper veel op. Maar wat de film over twee lowerclass boefjes met het sprookje over de zelfzuchtige reus van Oscar Wilde te maken heeft?

 De film van Clio Barnard past in de kitchen sink traditie van Ken Loach en Mike Leigh, waarin je de Engelse klassenmaatschappij terugziet.

 Het blijft kijken naar een wereld die je vreemd is. Harde mannen, jongens die niks liever willen dan ook zo'n man worden. Moedervrouwen die niets vermogen als er eentje weigert nog naar school te gaan. Schroot, wat een metafoor! En dan waar het beetje liefde naar uitgaat: paarden. Werkpaarden, renpaarden. Het ziet er goed uit, maar wie ben ik?

 Wat ik ervan weet heb ik van een paar jongens op de lagere school en dat ene asociale gezin in de straat. Daar leerde ik voor altijd dat ik een burgerjongetje, een bleekneusje was. Dat er grenzen liepen.

 Een vriendje dat ik meenam van school en dat mijn vader niet netjes begroette met 'dag meneer' en geen handje gaf werd door hem spoorslags aan zijn oor het huis uit gevoerd en op straat gezet. 'Dat soort, daar zijn we hier niet van gediend.'

 Deze film zou dus beoordeeld moeten worden door Japie Grilk of Hempie van Geffen en niet door mij.