Slaap

 Zo goed als je bij het ontwaken ongelovig de dag, de wereld binnengaat, omdat de nacht je 

in z'n greep had. Er niets anders was dan de droom. 

Als met pijn, er is niets anders.

 2:34 5:23 6:31

Het voorgeborchte.

Ongelovig naar het eerste licht kijken. Dat door het gordijn schemert.

Toegelaten worden tot de wereld.

Op sokvoeten.

Je moet je er wel op kleden.

Een wereld waar je tenslotte na lang uitstel heen mag.

Waar de spieren zullen ontspannen uit kramp, de schouders en onderarmen hun plek zullen gaan zoeken.

De heupen verschikken zich al.

Het krieken begint zich over me te buigen. Met beloftevolle leugenverhalen.

Een bril op zetten.