Stoelen ruiken

 Nadat ik op mijn elfde jaar aan mijn amandelen 'geholpen' was kon ik opeens idioot goed ruiken. Van alle kanten werd ik beleg­erd door geuren. Zo penetrant dat de aardigheid er af ging.

 Nu werd juist op een avond in die tijd door een vrolijke oom een nieuw huiskamerspelletje geïntroduceerd: 'Stoelen ruiken'. Ideaal tegen de verveling in het pre-tv tijdperk. Zoals bij veel spellen moest er iemand de kamer uit en werd door de achterblijvers iets afgesproken. Voor dit spelletje werden drie stoelen op een rij gezet. Op elk van die drie moest een tijdje een vrouw gaan zitten. Dan werd er in de handen geklapt en geroepen naar het slachtoffer op de gang. Dat was ik. De stiekeme afspraak daarbij was dat de stoelen een nummer hadden gekregen. Stoel nummer 1 was 'Kom' nummer twee had de code 'Kom maar' en nummer 3 had 'Kom maar binnen'. 

 Ik moest dan komen en raden welke tante op welke stoel had gezeten. Door aan de stoelen te ruiken. De volwassenen hadden al eerder tot mijn verbazing alle stoelenzitsters goed geraden.

 En nu stond ik op de gang en hoorde 'Kom maar' zonder te weten dat dat betekende dat tante Nel op de tweede stoel had gezeten. Onder luid gejoel van de omstanders legde ik mijn neus op alle drie de stoelen. En jawel hoor. De tweede stoel had de onmiskenbare geur van het achterwerk van tante Nel. Ik wees hem aan: 'Tante Nel'.

 De avond duurde nog lang.

Ps. Met dank aan 'Hollandse luchten. Ruiken aan Nederland' van Jelle Leenes.