Straatnamen

 We hadden het er over hoe een van jongsaf gebruikte straatnaam een eigen leven gaat leiden, zich hecht aan de gebouwde omgeving. Wat lastig wordt als een straat, laan of weg - het verschil is enorm - halverwege breder of smaller wordt of een tram met zich mee krijgt.

 Dan volgt een nieuw onderscheid. En steeds weer uitleg.

 Waar straatnamen zijn, zijn ooms en tantes. Een vriend van mij had veel tantes die Jo heetten. Die werden in de familie onderscheiden door toevoeging van de woonplaats. Zo had je Jo Schiedam en Jo Delft, wier aanzien mee bepaald werd door de standing van die plaatsen.

 Mijn vader weigerde eens te verhuizen naar een overigens schitterend huis dat lag in de Polsbroekstraat. Een straatnaam die hij vol afschuw uitsprak.

 Voorbeeld was voor mij de Sportlaan. Waarin de nadruk was verschoven naar 'laan'. De naam leeft, los van zijn betekenis. Pas nu, na zoveel jaren fietsen besef ik dat de Sportlaan z'n naam dankt aan het houten Houtruststadion dat verdween, nadat het eerst klank was geworden.

 Een heel eigen leven leidden de vele bomen, struiken en bloemenstraten. De Zilverschoonstraat wist ik te vinden, maar wat een Zilverschoon was? Het gebruik verandert de betekenis. 

 Ik begrijp nu beter waarom Amerikanen hun straten nummeren en ze geen namen geven. Toch zou ik de Transformatorweg niet willen missen, de Processorstraat of de Analoogweg.