Stroom

 De 'stream of consciousness' ofwel 'stroom van het bewustzijn' is een manier van schrijven om het veelvoud aan indrukken weer te geven die zich steeds spontaan opdringen. Bedacht William James in zijn Principles of Psychology (1890).

 Ik las zijn tweedelige Princples op psychology in de wachtkamer van een ziekenhuis, waar mijn vrouw voortdurend haar moeder bezocht. De geest spri­ngt van de ene gedachte op de andere. Pas later werd de term gebruikt in boekbesprekingen.

 De stream of consciousness‑roman is verwant met de 'monologue interieur'. In de 20e eeuw werd het toegepast door diverse, met name Engelstalige, schrijvers, onder anderen door Dorothy Richardson, Virginia Woolf en James Joyce. Die met Ulysses (1922) het beroemdste voorbeeld schreef. Het boek volgt de stroom van gedachten en gevoelens van Leopold, Molly Bloom en Stephen Dedalus op de voet.

 Zou het iets met creativiteit van doen hebben? Ik betwijfel het. In mijn slapeloosheid van nu probeer ik steeds chocola te maken van wat voorbij sjeest, te onthouden wat bruikbaar lijkt. Maar nee, de vroege surrealisten eindigen steeds bij Carmiggelts 'konijn op lange weg'.