Tante

 Het meisje rechts op de onscherpe foto is mijn tante Be, de jongere zus van mijn moeder, die mijn andere handje vast houdt.

 Dit is de Lomboklaan in Leersum in 1944, die vrij steil omhoog loopt naar die vreemde 'folly' de Uilentoren. Halver­wege woonden de tantes Be en Wies in het huis De Steiger. De tantes die kort na deze foto naar Nieuw-Zeeland emigreerden.

 Mijn vader had een hekel aan Be. Alleen als hij er niet was kon mijn moeder het echtelijk bed aan Be en haar v­riendjes lenen. Ik logeerde vaak in De Steiger en hoorde Be ongeduldig pianoles geven achter de schuifdeuren. Ze had conservatorium gedaan, maar het podium nooit bereikt.

 Wies ging eerst alleen naar Nieuw Zeeland, om poolshoogte te nemen. Mijn vader zag niets in emigreren en riep rond dat je daar 'ziekenhuisvlo­eren moest dweilen'. Be kwam na.

 Eenmaal daar viel alles tegen. Mijn moeder stuurde elke week de Libelle en de Margriet, wat daar hoogstmoderne bladen waren. Ze heeft niet meer gespeeld. Ik heb haar piano geërfd.

 En ze trouwde met de buschauffeur oom Ken, die mij een speldje van 'Bedford' stuurde, maar die ik nooit heb gezien. Samen keerden ze terug naar Engeland, waar hij vandaan kwam, naar Kent.