Tao

 Toen ik bij Kristofer Schipper kwam om hem voor de radio op te nemen over 'Tao, de levende religie van China' (1988) zei hij: een vraag voor we beginnen: 'Hoe doe je dit ongeveer?'. 'Goh,' zei ik. 'ik doe het ongeveer zoals het gaat.' Waarop hij zei: 'Kijk, dat is nou Tao.'

 Dit omdat ik Patricia de Martelaere lees, haar boek over Taoïsme. Nadat ik haar prachtige liefdesroman ‘Het onverwachte antwoord’ had herlezen en de commentaren erop herkauwd. In het hoofdstuk 'De Gele Rivier en de Noordelijke Oceaan' uit de Zhuangzi tref ik nu deze passage: 'Een kikker in een regenput kan niet praten over de oceaan omdat hij beperkt is door de omvang van zijn put. Een zomerinsect kan niet spreken over ijs omdat het alleen zijn eigen seizoen kent. Een bekompen geleerde kan niet over Tao spreken, omdat hij gehinderd wordt door zijn onderricht. Nu ben je buiten je oevers getreden, en heb je de Grote Oceaan gezien. Je kent nu je eigen minderwaardigheid daardoor wordt het mogelijk te spreken over het Grote Principe.' 

Wat zou dat kunnen zijn? Wat is Tao, ook wel Dao? In de eerste vier verzen van Lao Zi's Geschrift over Zuivere Leegte en Innerlijke Rust staat:

1. De DaDao heeft als eerste beginsel en bron van het al geen vorm Het is de oorsprong en voeding van Hemel en Aarde Hoewel het geen drijfveren heeft, geen begeerte kent is het de oorzaak van de omloop van Zon en Maan (van de cirkelgang van het Zelf).

2. De DaDao kan niet benoemd worden, het is de oorsprong en voeding van al het bestaande. Het is niet benoembaar, om het een naam te geven stel ik Dao voor.

3. De Dao als eerste beginsel omsluit Leegte en Vorm, beweging en rust De Hemel is Leegte, de Aarde is Vorm De Hemel is beweging, de Aarde is rust Yang is Leegte, Yin is Vorm.

4. Het is als bron van ontstaan tot vergaan de oorsprong van alle bestaan Leegte de bron van Vorm beweging de bron van rust.