Tobi Rix

  De droefgeestigheid die in elke clown schuilt zette Fellini aan tot een ernstige film. Erger nog is dat bij de muzikale clown. Ik heb Rexis nog zien optre­den. Achteraf in de kleedkamer kwam bij het afschminken een zorgelijke man tevoorschijn.

 Ik zag het bij Tom Manders als ie zijn Dorus pak aflegde. Een man zonder gezicht in een leren jek. Door geen mens herkend. Het is een noodlot. Dat heilige moeten zag ik ook bij Tobi Rix toen hij bij ons voor de radio optrad in Eik & Linde, begeleid door ons orkest.

 Zijn levenswerk, de Toeterix bestonden uit autotoeters, gestemd in verschillende tonen en met de knijpende vuisten in de rubber ballen bespeeld als een vibrafoon. Aangevuld met claxons en sirenes.

 Een wel heel ernstige grap. Waarmee hij jaarlijks een nieuwjaarsoptreden deed bij Willem Breuker en met groot orkest het trompetconcert van Haydn speelde. Hij was multi-instrumentalist, speelde ook klarinet, mondharmonica en meer.

 Met Jan Tromp de kunstfluiter stond hij live bij ons in Music‑Hall. Orkestleider Gert Jan Blom vertelde me over de Toeterix die meestal in een garage in Lelys­tad stonden omdat Tobi's zoon en gedoodverfde opvolger, de zanger Jerry Rix geen zin had in de Toeterix.

 Tobi's parodieën op tophits als Malaguena, over een bange stierenvechter en het autoliedje Heer in 't verkeer zullen nooit meer uit m'n kop verdwijnen. Zijn optreden ook niet. Bij de toeters hoorden als interpunctie ook pistoolschoten, ik was er dagenlang doof van.